* Wij zijn een jonge religieuze gemeenschap ontstaan in 1992 in het West-Vlaamse polderdorpje Meetkerke, nabij Brugge.

* Wij zijn erkend binnen de Katholieke Kerk op 29 juni 1998 als een publieke vereniging van christengelovigen door de bisschop van Brugge. Op 15 augustus 2007 tijdens een plechtige eucharistieviering in een volle St-Salvatorskathedraal erkende de bisschop ons als Congregatie.
“Op het feest van de Gedaanteverandering van Christus heb ik officieel een nieuwe diocesane congregatie opgericht”, zei de bisschop tijdens zijn homilie en hij vroeg aan kanunnik Antoon Wullepit het decreet voor te lezen. “Krachtens mijn bevoegdheid overeenkomstig canon 579 van het Wetboek van Canoniek Recht, en na raadpleging van de H. Stoel, overeenkomstig dezelfde canon, na gebed en rijp beraad, na bevoegde personen gehoord te hebben, na goedkeuring van de constituties van de Gemeenschap Moeder van Vrede, overeenkomstig canon 578 § 2 van het Wetboek van Canoniek Recht, vaardig ik bij deze het decreet uit waarbij ik de Gemeenschap Moeder van Vrede opricht als Religieuze Congregatie van Diocesaan Recht. Gegeven te Brugge op 6 augustus 2007. Bisschop van Brugge.” ( Uit artikel in Ministrando aug. 2007 van Doenja Van Belleghem )

* Onze gemeenschap staat open voor jongens en meisjes die in onze tijd hun leven aan God willen geven door gebed en evangelisatie.

Onze spiritualiteit

* We hebben een Mariale spiritualiteit. Maria is onze Moeder. Zij is voor ons een voorbeeld. Samen met Maria bidden wij voor de vrede. Op die manier kunnen wij een teken van hoop worden voor allen die naar ons toe komen met hun onrust en verdriet, hun verwarring en hun vragen. Wij zullen hen gastvrij ontvangen, hun noden meedragen in ons gebed en Jezus’ genezende liefde aan hen en aan alle gekwetste mensen proberen door te geven.

* Wij zijn contemplatief en ook actief !
– Wij hebben een rijk gebedsleven; we bidden 3 à 4 uur per dag.
– Maar tevens staan we dicht bij de mensen en willen we in alle eenvoud
het geloof en het gebed van de zoekende mens begeleiden.

* De gemeenschap bestaat uit mannen en vrouwen die celibatair en religieus leven. Zij wijden zich ten volle toe aan God door Maria. Ze maken zich vrij voor de Heer en leven volgens het evangelie. Wij leven in gemeenschap, zoals in het Cenakel, waar de eerste christenen na Jezus’ verrijzenis verzameld waren. Deze gemeenschap bestond uit de apostelen en de leerlingen, mannen en vrouwen en in hun midden was Maria aanwezig. (zie Hand. 1, 14).

Ons doel

Ons samenleven in gemeenschap wil een oase van vrede zijn van waaruit wij de Blijde Boodschap uitdragen naar de mensen die onze broeders en zusters zijn. Zo kunnen mensen bij ons “thuiskomen” met hun vragen, hun nood, hun vreugde en verdriet… Luisterbereid en biddend willen wij bij hen aanwezig zijn.

De ontstaansgeschiedenis van de Gemeenschap “Moeder van Vrede” spreekt ons over Gods Voorzienigheid. Maria heeft ons op deze weg begeleid. Onze stichter E.H. Bernard Debeuf was er vanaf het begin van overtuigd en hij heeft ook altijd gezegd dat er nooit een nieuwe religieuze gemeenschap zou komen, zo Maria die niet zelf zou ‘stichten’. Maar het heeft ook nog een hele tijd geduurd, vooraleer hij een ‘bruikbaar’ instrument zou worden in haar hand.

Het begon in 1985. Tijdens een bedevaart naar een Maria-oord maakte hij er een diepe ervaring van bekering mee. Twee jaar later, in 1987, aanvaardde hij de begeleiding van een “geestelijk begenadigde vrouw”. Zij beweerde mystieke gesprekken te voeren met Jezus en Maria, en dat zij een soort innerlijke inspraken mocht ontvangen. Pastoor Debeuf stond sceptisch, was voorzichtig en zelfs terughoudend. Vooral wanneer de vrouw vroeg haar eerste teksten in boekvorm uit te geven, aarzelde hij. Toch kwam de uitgave er onder de titel “God is Liefde”.

In juli 1988 deed de bisschop van Brugge een verrassend voorstel aan E.H. Bernard Debeuf, toen pastoor op de St.-Andriesparochie te Brugge. De bisschop vroeg “…of hij als verantwoordelijke de Mariaverering van zijn bisdom in goede banen wilde leiden.” Deze opdracht leek zo vaag en daarom vroeg hij toen bedenktijd.

Later sprak Maria het verlangen uit om een nieuwe religieuze gemeenschap op te richten in Vlaanderen: een gemeenschap van gebed, offer en evangelisatie. Nu besefte priester Bebeuf dat Maria dit alles in het werk had gesteld om hem uiteindelijk deze vraag te kunnen stellen. De bisschop stond “als experiment” een nieuwe Mariale gemeenschap toe. Toen priester Debeuf het bisschopshuis verliet, drong het tot hem door dat zijn bedenktijd voorbij was. Zo’n nieuwe gemeenschap zou het antwoord zijn op de vraag die de bisschop hem in de zomer van 1988 gesteld had. Met mei 1990 kon dus het werk beginnen.
In opdracht van de bisschop zocht E.H. Debeuf naar een plaats om de gemeenschap te vestigen. Het werd een maandenlange zoektocht. Uiteindelijk werd Meetkerke gekozen.
In de loop van 1991 kwamen de eerste kandidaten aankloppen, twee jonge mannen en een jonge vrouw. De eerste afspraken voor een leven in gemeenschap werden gemaakt.

Op 4 juli 1992 startte de groep als een “residentiële gemeenschap” in het schoolhuis langs de Dorpsweg. Vijf jaar later kon de Gemeenschap verhuizen naar de oude pastorie, en op hetzelfde domein lag ook nog de oude dorpsherberg, een geschenk van goddelijke Voorzienigheid. De gebouwen werden beter bewoonbaar gemaakt: de pastorie werd ingericht als gemeenschapshuis, de oude herberg werd het gastenhuis.

Als bij verrassing kwam het nieuws dat de bisschop van Brugge de gemeenschap wilde erkennen als een “publieke vereniging van christengelovigen”, overeenkomstig canon 298 en canon 301 van het Kerkelijk Recht. Dit gebeurde met een plechtigheid in het bisdom op 29 juni 1998, het feest van de apostelen Petrus en Paulus.

In augustus 2005 kwam er opnieuw een blijde verrassing. De vicaris voor de religieuzen van het bisdom Brugge deed in naam van de bisschop een voorstel waarbij onze gemeenschap officieel een ‘religieuze congregatie van diocesaan recht’ zou kunnen worden. Onze eigenheid van “nieuwe beweging” zouden wij echter kunnen bewaren. Dit voorstel werd beleefd als een hele uitdaging die vroeg om bezinning en gebed. Na veel werk aan de constituties – leefregel en directorium – wordt de gemeenschap, met de religieuze professie van enkele leden, op 15 augustus 2007 officieel als religieuze congregatie erkend.
Ieder jaar willen wij op dit Hoogfeest Maria danken om het werk van genade dat in onze gemeenschap is geschied!

In diezelfde periode (eind 2006) stelde de bisschop ons voor om ons apostolaat verder uit te bouwen in de St.-Godelieve abdij “Ten Putte” in Gistel. Na gebed en rijp beraad hebben wij dit aanvaard.

Delen uit artikel verschenen in het bisdomblad Ministrando, Aug. 2007

Na onze beginjaren in Meetkeerke zijn we in Gistel in een gebouw aanbeland dat een sfeer uitstraalt van gebed en stilte, van eenvoud en vrede. Het is een sober gebouw, maar goed onderhouden en heel net en mooi bewaard. Het is nog op “mensenmaat”, alhoewel er veel ruimte is, lange gangen met veel deuren …

Ondertussen zijn de zusters Benedictinessen verhuisd. We blijven verbonden met elkaar verbonden in gebed.

Een uitdaging …
Wij ervaren meer en meer dat Maria ook dit plan heeft voorbereid en het leidt. Daarbij koos Ze één van Vlaanderens meest geliefde heiligen uit om Haar hierbij te helpen. De heilige Godelieve roept hier ieder jaar duizenden mensen bijeen. Zij hebben op hun pelgrimstocht nood aan Gods Woord. Gistel is een plaats van gebed en dus ook van verkondiging. Het moet ook een plaats van bekering worden. Dit hoort tot de actuele boodschap van Maria die ons oproept tot gebed, offer en bekering. Maria en de H. Godelieve slaan hiervoor de handen in elkaar en wij mogen hun kleine instrumenten zijn. Vanuit de kracht van het dagelijks gebed en onze kleine offers van liefde, willen we Gods liefde aan de mensen bekend maken en hen voorbereiden op de wederkomst van de Heer. Maranatha – Kom Heer Jezus!

Het is nu 23 jaar dat onze Gemeenschap begonnen is. Op 4 juli 1992 zijn we gestart als een “residentiële” gemeenschap. Dat lijkt een groot woord, maar het betekent dat wij na een jaar voorbereidend werk met de eerste drie kandidaten vanaf die datum samen gingen wonen in het schoolhuis aan de Dorpweg. In afspraak met de bisschop mochten wij dat als experiment proberen. Er was toen eigenlijk al iets heel belangrijks beslist: de drie kandidaten hadden hun werk opgezegd en waren dus “vrij” als de kinderen Gods.

Vanaf het eerste begin noemden wij ons “Gemeenschap Moeder van Vrede”, een naam die Maria zelf had gegeven. Deze naam of deze gemeenschap had binnen de Kerk geen enkel officieel karakter.

Op 29 juni 1998 erkende onze bisschop onze Gemeenschap als een “publieke vereniging van christengelovigen”. Dit soort erkenning hadden we eigenlijk niet zo vlug verwacht. Het was voor ons een echte stimulans. Wij hebben hiervoor dan ook een beknopte leefregel opgesteld die door de bisschop werd aanvaard. Zo een erkenning betekent dat de Gemeenschap gewaardeerd wordt als een groep gelovigen die een goed werk verricht in de Kerk. De leden worden echter niet aanzien als religieuzen, zelf al dragen ze een habijt en worden ze als broeder of zuster aangesproken. Kerkrechterlijk zijn ze nog altijd “leken” (een soort lekenbroeders en -zusters).

Volgens het kerkelijk recht is men pas een religieus of religieuze als men lid is van een kerkelijk erkende congregatie of als men behoort tot een “orde”.
In augustus 2005 deed de bisschop -bij monde van E.H. Antoon Vansteeland, vicaris voor de religieuzen- het voorstel om onze Gemeenschap een congregatie te laten worden. Dat was voor ons een ware verrassing. Het jaar 2006 was een “bezinningsjaar” daarrond.

In januari 2007 zijn onze werkzaamheden begonnen. We moeten een uitgebreider leefregel uitschrijven die onze eigenheid weergeeft, onze charisma’s duidelijk stelt en hoe we die zullen beleven. Dit noemen we de constituties. De praktische en concrete beleving in het dagelijks leven wordt weergegeven in een “directorium”.

Deze constituties worden gemaakt in samenwerking en begeleiding van een kerkelijk rechter van ons bisdom, E.H. Antoon Wullepit die tevens visitator is van de contemplatieve kloostergemeenschappen.
Dit vraagt veel denk- en schrijfwerk, ook veel vergaderwerk voor onze Gemeenschap en dit ononderbroken tot het eind van de maand juni 2007. Het is ook heel nuttig en leerrijk werk. We moeten onze roeping in deze tijd “een profiel geven”, duidelijk omschrijven wat onze opdracht en onze betekenis is voor de Kerk en de samenleving van deze “nieuwe tijden”. Als dit alles “af” is, dan zou de goedkeuring van de bisschop daarop volgen. Zo kan onze Gemeenschap officieel een congregatie voor religieuzen worden binnen de Kerk. Een congregatie van diocesaan recht.
Dan kunnen de eerste drie kandidaten van 15 jaar trouwe inzet, hun geloften voor het leven uitspreken. Voor deze eerste drie en ter gelegenheid van de installatie als congregatie, zal de bisschop zelf deze geloften van hen afnemen tijdens een feestelijke eucharistie in de kathedraal van Brugge op 15 augustus 2007 om 15 u. Op ons groot Mariaal hoogfeest ! Voordien zullen de drie kandidaten, zuster Greta, broeder Alexander en broeder Dirk zich afzonderen en zich voorbereiden tijdens een tiendaagse retraite.

U kunt begrijpen dat het jaar 2007 een bijzonder jaar wordt voor de Gemeenschap. Dat het ook druk gevuld zal worden. Daarom kan het ook niet anders dat enkele activiteiten dit jaar zullen wegvallen, zoals het kinderkamp en de jongerenbedevaart maar allen zullen welkom zijn en betrokken worden in het grote gebeuren !

Tot lof en eer van Jezus en Maria !
B. Debeuf

TOEGEWIJD AAN MARIA : op 15 augustus 2007 erkent bisschop gemeenschap als congregatie en drie leden spreken hun geloften voor het leven uit

Op het hoogfeest van de Tenhemelopneming van Maria heeft de bisschop van Brugge, tijdens een feestelijke viering in de Sint-Salvatorskathedraal te Brugge en onder grote belangstelling de Gemeenschap Moeder van Vrede erkend als religieuze congregatie. Hij stelde de stichter van de gemeenschap, priester Bernard Debeuf, aan tot eerste herder van de gemeenschap. De Mariale vroomheid is wezenlijk voor deze gemeenschap die elke dag de rozenkrans bidt.

Tijdens de pontificale viering werd de bisschop bijgestaan door kanunnik Antoon Wullepit, visitator van de contemplatieve kloostergemeenschappen en consultor bij de Congregatie voor de Clerus in Rome, en Bernard Debeuf, stichter van de Gemeenschap ‘Moeder van Vrede’. Diaken Daniël Devisch, oom van zuster Greta van de gemeenschap, assisteerde. Een dertigtal priesters, allen op een of andere wijze verbonden met de gemeenschap, concelebreerde.

“Op het feest van de Gedaanteverandering van Christus heb ik officieel een nieuwe diocesane congregatie opgericht”, zei de bisschop tijdens zijn homilie en hij vroeg aan kanunnik Antoon Wullepit het decreet voor te lezen. “Krachtens mijn bevoegdheid overeenkomstig canon 579 van het Wetboek van Canoniek Recht, en na raadpleging van de H. Stoel, overeenkomstig dezelfde canon, na gebed en rijp beraad, na bevoegde personen gehoord te hebben, na goedkeuring van de constituties van de Gemeenschap Moeder van Vrede, overeenkomstig canon 578 § 2 van het Wetboek van Canoniek Recht, vaardig ik bij deze het decreet uit waarbij ik de Gemeenschap Moeder van Vrede opricht als Religieuze Congregatie van Diocesaan Recht. Gegeven te Brugge op 6 augustus 2007. Bisschop van Brugge.”

De bisschop vermeldde ook uitdrukkelijk de twee grote doelstellingen van de gemeenschap Moeder van Vrede: gebed en evangelisatie. “De uren die de gemeenschap dagelijks besteedt aan gebed en de verbondenheid met God brengt hen in het hart van de wereld en het hart van God. Daar beleven ze de diepe zin van het bestaan. Ze brengen eer aan God, de Heer van al wat leeft. Hun gebed is ook een gebed van voorspraak voor ons allen,voor ons bisdom, voor de Kerk en voor de wereld.” De bisschop vroeg de gemeenschap ook voor hem te bidden. Met evangelisatie bedoelde de bisschop dat de leden van de gemeenschap getuigen zijn van Gods aanwezigheid onder ons. “Vooral aan kinderen en jongeren willen ze leren hoeveel geluk God kan brengen in het leven, als je Hem maar toelaat.” De abdij van Gistel, waar de gemeenschap binnenkort haar intrek neemt, zal nog meer kansen bieden voor het apostolaat van de verkondiging. De bisschop wees nog even op de naam van de gemeenschap, ‘Moeder van Vrede’. “Het gaat vooral om de vrede in het hart, de vrede die alleen God kan brengen en die zo overvloedig aanwezig was in het hart van Maria.”

Tijdens de viering spraken de eerste drie leden van de gemeenschap – broeder Alexander Rodenbach, broeder Dirk Huys en zuster Greta Devisch – na vijftien jaar trouwe inzet hun geloften voor het leven uit. Op het einde van de viering namen de drie geloftelingen licht aan de paaskaars en knielden neer voor het beeld van Onze-Lieve-Vrouw van Meetkerke dat overgebracht was naar de kathedraal en er vooraan geplaatst was. Ze spraken er hun toewijding aan Maria uit.

Doenja Van Belleghem

Als een jongere Gods stem hoort, is het goed dat hij of zij tijd vrij maakt voor God, tijd om Hem dieper te ervaren. Wie zich evenwel aanstonds in de zakelijke wereld gaat begeven, zal zijn roeping langzaam zien uitdoven. Tijd nemen om naar de Heer te luisteren, is geen verloren tijd. Het leven zal daardoor geen gemiste kans worden. Integendeel !

Wie zich geroepen voelt door de Heer – zowel jongens als meisjes – die kunnen na hun middelbare studies met ons contact opnemen om een JAAR MEE TE LEVEN in de Gemeenschap. Hier kan de roeping stilaan gestalte krijgen en onderscheiden worden door de actieve en intense deelname aan het gebed en aan de handenarbeid. Na dit jaar kan, na onderscheiding in het gebed en na overleg met de herder van de Gemeenschap en met de raad, besloten worden om aan te sluiten bij de Gemeenschap of een andere richting te nemen. Voor de jongens die later er aan denken dat de Heer hen ook voor het priesterschap roept, kan dit zelfs binnen de Gemeenschap voorzien worden.

Voor jongeren die iets zien in dit voorstel en in deze kans, mogen liefst met een persoonlijk briefje contact opnemen met de herder :
E.H. Bernard Debeuf
Abdijstraat 84
8470 Gistel
of anders telefonisch : 059/322.857

Jonge mensen die reeds afgestudeerd zijn of al een beroep uitoefenen, kunnen echter ook een aanvraag doen voor een MEELEEF-periode.